Van Baskenland tot Catalonië: Lekeitio naar St-Jean-Pied-de-Port

Deze reis door de Pyreneeën vertrekt vanuit Biarritz, een plek die gemakkelijk bereikbaar is met de trein. Je kan er je motor gemakkelijk naartoe verschepen met de autotrein. Lees meer over je motor op de autotrein zetten in dit artikel. Vandaag trekken we Baskenland door van het Westen naar het Oosten. Wie wat extra tijd heeft moet zeker langs Bilbao gaan, maar onderschat het aantal kilometers in deze route niet. Het zijn er maar 171, maar het aantal bochten is fenomenaal. Zelfs van het aantal haarspeldbochten raakten we de tel kwijt. En dat allemaal op rustige wegen, geen caravans of campers te bespeuren, en doorheen eindeloze bossen. Nu weten we (ongeveer) waar de Baskische onafhankelijkheidsstrijders zich schuil houden. Die Baskische ziel voel je trouwens op één of andere manier voortdurend. Dit zijn niet de Spanjaarden die we gewoon zijn te ontmoeten aan de Costa Del Sol. Heel ingetogen mensen die bijzonder blij zijn als ze een bezoeker kunnen verwennen met een eenvoudige maaltijd. Bewijs daarvan was een middagstop in restaurant Arakindegia in Leitza. We konden de motor parkeren in het steegje naast het restaurant zodat de kok van achter het fornuis een oogje in het zeil kon houden en om het menu te verduidelijken werd van elk gerecht een voorbeeldje naar de tafel gebracht. Een aanrader voor wie een stukje Baskische keuken van de gewone man wil leren kennen. Eerder konden we die ietwat vreemde sfeer opsnuiven in Azkoitia waar we op het dorpsplein van een koffie genoten samen met de dorpsoudsten. Dat stadje bleek trouwens de geboorteplaats te zijn van de moeder van Sint Ignatius van Loyola, de stichter van de Jezuïten orde.

Naarmate we verder naar het Westen trekken komen we ook in hoger gebergte terecht en steken we tenslotte de Spaans-Franse grens terug over bij de Izpegi Pas. We duiken de vallei aan de Franse kant in richting St-Jean-Pied-de-Port, een bekende pleisterplaats voor pelgrims op weg naar Santiago de Compostella. Hier maken ze zich klaar om de Pyreneeën over te steken. Spijtig genoeg betekent dit ook dat het stadje één grote markt is waar toeristen, pelgrims en souvenir verkopers elkaar builen lopen. Voor ons logement rijden we dan ook terug de stad uit richting St-Jean-le-Vieux om ons daar op de rustige camping municipal (eenvoudig en netjes, en vooral rustig) te installeren me een fles wijn.

Download GPS Route: GPS route Van Baskenland tot Catalonië: Lekeitio naar St-Jean-Pied-de-Port

De Route:

Links:

Van Baskenland tot Catalonië: Biarritz naar Lekeitio

Deze reis door de Pyreneeën vertrekt vanuit Biarritz, een plek die gemakkelijk bereikbaar is met de trein. Je kan er je motor gemakkelijk naartoe verschepen met de autotrein. Lees meer over je motor op de autotrein zetten in dit artikel. Biarritz is een typische 'oude glorie' dit nog steeds schijnt. Een geliefkoosde bestemming voor Fransen die zee en bergen (de Pyreneeën) willen combineren, maar ook de plek waar hippe jongeren komen om te surfen. Een (heel) klein beetje Californië in Europa dus, ook al omdat de kustroute die we straks zullen volgen in Spanje heel wat gelijkenissen vertoond met de Pacific Coast Highway. Vooraleer we daar zijn loodst de route ons langs het station van Biarritz (waar je de dus eventueel de motor kan oppikken) en in de richting van de grens met Spanje. We nemen een beetje afstand van de zee en duiken de uitlopers van de Pyreneeën voor het eerst in om vervolgens bij San Sebastian terug zicht te krijgen op de Golf van Biskaje. San Sebastian (of Donostia in het Baskisch) is trouwens meer dan de moeite waard om te bezoeken. Dus als je op tijd vertrokken bent in Biarritz, trek dan zeker een uur of twee uit voor een uitgebreide stop.

Van hieruit gaat het verder langs een kustweg die steeds kleiner en pittoresker wordt. Achter elke bocht schuilt alweer een nieuw adembenemend zicht, ronduit fantastisch. Het einddoel van de rit is Lekeitio. Wat op er op de kaart uitziet als een onbeduidend vissersstadje blijkt een fijne badplaats die enkel door Spanjaarden (en Basken) ontdekt is. Een leuke extra voor de zwemmers is het eiland dan voor de kust ligt en afhankelijk van de waterstand te voet of al zwemmend bereikbaar is. Aan de haven ligt een prachtige Basiliek bij een typisch Zuiders plein, en verderop kan je op één van de vele terrasjes genieten van een kop koffie of iets fris. Het aantal restaurants is dan weer beperkt, wij genoten van een lokale witte wijn en pinxtos (tapas) bij Antzarrak.

Voor de overnachting kunnen we camping Endai aanbevelen als een rustige plek met eenvoudig maar net sanitair. In het lokale winkeltje/bar kan je het noodzakelijke kopen om te eten, or ontbijten. Heb je geen tent mee dan is er ook een klein pension verbonden aan de camping. Daarvoor kan je best reserveren. Je komt deze camping trouwens al tegen twee kilometer voor je in Lekeitio bent.

IJsland Off Road - Dag 12: Chillen bij de gletscher

Terwijl reisleider Bart nog lag te pitten genoten we van een heerlijk ontbijtje met pannekoeken en ambachtelijke gebrandde koffie. Reporter Rik zorgde voor de koffie en creerde meteen een nieuwe IJslandse specialiteit: de Geysir koffie (tip: Nooit een persfilter op het vuur laten staan terwijl je hem naar beneden drukt). Zo rond tienen startten we de motoren voor een ritje naar het ijsbergen in het meer in Skaftafell aan de voet van de Vatnajokull Gletscher. Een asfaltritje van een 70tal kilometer verder wandelden we naar het meer en genoten we van het landschap als zaten we op het strand van Ibiza.

Totnogtoe waren we van lekke banden gespaard gebleven maar op de terugweg reed Rik vakkundig over een nagel. Zoals het past voor een reporter koos hij hiervoor een fotogeniek plekje. De tubeless band werd in een recordtijd gerepareerd met pluggen uit de BMW, een pompje uit een Seat en de snelheid van depaneur Bart.

De Belgische nationale feestdag werd afgesloten met ... Pizza's en cola ...

Het was een goede dag :)

IJsland Off Road - Dag 11: Terug naar het Zuiden voor de mooiste etappe

Naar goede gewoonte vertrokken we die ochtend anderhalf uur later dan afgesproken, perfect om een paar updates voor de blog te schrijven. Live zetten zal voor later zijn want er is geen electriciteit in de hut, en de iPhone heeft het zo niet op de vochtigheid, koude en schokken op de motor. We zijn dus even 'off the grid'. We leren ook dat het altijd goed is om bij de locals eens te luisteren naar de situatie van de weg voorop. Dan leer je bijvoorbeeld dat wat twee jaar geleden nog een soort snelweg was, eigenlijk een tijdelijke dienstweg was die indertussen grotendeels weggespoeld is. Maar dat kan ons niet tegen houden want ook op de reguliere weg blijken de rivier doorwadingen zeer goed mee te vallen.

Tegen de middag komen we opnieuw in de beschaving bij een waterkrachtcentrale die 1/4 van de electriciteitsbehoeften van Reykjavik voorziet, stukken asfalt zowaar en een tankstation met open wifi. Na een smakelijk pakje noedels zetten we koers richting het Landmannalaugar gebied. Dit natuurpark wordt door het ganse team verkozen tot mooiste plek in IJsland. We rijden een soort teletubbie land in, je verwacht elk moment dat er een gigantische Tinkie Winkie van achter een berg zal verschijnen. De rivier doorwadingen hebben we niet meer geteld, de botten zijn niet meer nodig. Toch heeft de BMW twee keer bijna water gepakt, dus zo onschuldig waren die doorwadingen ook weer niet meer.

Zo'n mooie plek vraagt om een groepsfoto. Een welwillende nederlander speelt fotograaf op instructies van reporter Rik. Toen wist hij nog niet dat wij hem een paar kilometer verderop zouden helpen bij het vervangen van een wiel. Depannage Bart wordt duidelijk geen rust gegund.

Tegen zeven uur kwamen we aan op zowaar een echte camping met douches en zelfs een wasmachine. Hapje eten en naar bed, want drankjes voor een feestje zijn er niet meer. De camping mag dan al aan een drankenwinkel liggen, die zijn doorgaans niet zo laat open in IJsland.

De Route:

IJsland Off Road - Dag 10: Marathon met sleutelplezier

We wisten reeds vanaf het begin van de reis dat de doorsteek van Askja naar Nyidalur afgesloten was. Door het afsmelten van de overvloedige sneeuw van de voorbije winter is de weg een soort drijfzand geworden, geen doorkomen aan. Dus moest er een omweg gemaakt worden. Helemaal naar Myvatn en dan terug naar het zuiden. Om het extra interessant te maken koos onze gids ervoor om een stukje verder te rijden naar Akureyri om daar een nieuwe route naar het hoogland uit te proberen. De 50km extra asfalt was bepaald geen pretje, verschillende rijders dommelden ei zo na in slaap (na de slapeloze stormnacht) en David maakte een pirouette op het natte asfalt toen zijn motor was afgeslagen. De nieuwe route naar het zuiden bleek een toppertje. Alweer prachtige landschappen langs en door bergrivieren die door de extra sneeuw en de veelvuldige regen op sommige plaatsen de weg over bijna honderd meter overspoelden. De rit ging verder over het maanlandschap op het hoogland en tegen zes uur kwamen we opnieuw langs de hut waar we enkele dagen voorheen genoten hadden van het natuurlijk warme buitenbad. Maar de eindbestemming was Nyidalur, zo'n 50 kilometer en drie rivier doorwadingen verder, dus gingen we door op Red Bull en chocolade.

Met de vlag van de vorige hut nog inzicht vatten we de volgende rivier doorwading aan. Dat lukt steeds vlotter, zo vlot zelfs dat Stef in zijn jeugdig enthousiasme de ketting van zijn KTM superenduro brak. Waarschijnlijk een steen uit de rivier. We repareren de ketting maar er blijken drie schakels verdwenen. Met een te hard gespannen ketting neemt de lichtere Kevin het stuur over en wordt de baggage in de jeep gestoken. Ondertussen repareerde ook Michael zijn fiets, daar waren twee bouten verdwenen uit de ophanging van de koffers.

Een uur later zijn we terug op weg. Het is al na negen als we de hut in zicht krijgen ... aan de overkant van een rivier die een 100 tal meter breed stond. De combinatie van opnieuw veel regen en smeltwater maakte dat het water aan het einde van de dag extra hoog stond. Maar het waren vooral de laatste 5 meter die zelfs de jeep bijna verzopen. Met vereende krachten en de hulp van een ranger trokken we er alle KTM's doorheen. Voor de BMW zochten we een andere weg stroomopwaards door de rivier om het diepste punt te omzeilen.

13 uur en 380 kilometer na ons vertrek die ochtend werkten we nog snel een pasta binnen in de hut tussen al slapende trekkers, om vervolgens te genieten van onze welverdiende nachtrust.

De Route (eventueel te splitsten over twee dagen):

IJsland Off Road - Dag 9: Moet er nog zand zijn?

Terug van onze overnachtingsplek namen we nog even ontbijt in het lokale tankstation/winkel/cafe/koffiebar. Van daaruit zetten we koers richting Askja, de vulkaan daar herbergt een prachtig kratermeer en dat wilden we zeker gezien hebben. De weg ernaartoe bleek - na het asfalt stuk - behoorlijk pittig. Bij de tweede doorwading ontmoetten we drie Russische motards op BMW GS-en. Ze waarschuwden voor 15 km zand verderop, wat mij allesbehalve plezier deed. Maar goed, het einddoel was interssant genoeg om even door te bijten. De doorwading leverde mij  alvast een sticker op van de BMW Motorrad Club Russia. En nadat we onze Russische vrienden een handje geholpen hadden steeg mijn zelfvertrouwen, mintens twee van de drie waren duidelijk niet voorbereid op een reis zoals deze. Nu bleek verderop dat ze geen ongelijk hadden wat betreft het zand. Hoe dichter we bij de vulkaan kwamen, hoe meer het soort maanlandschap veranderde in een zwarte Sahara piste. Plezant voor wie er van houdt, zwaar werk voor wie het haat. Het was al tegen 20u aan als we aankwamen op de winderige lava vlakte die dienst doet als kampeerplaats. Tenten opzetten in een cirkel en een snelle hap om aan te sterken, en de liefhebbers konden nog een tochtje maken naar het kratermeer. Drie uur later was de groep terug voor een slapeloze nacht in tentjes die heen en weer gezwiept werden in de eindeloze rukwinden.

De Route:

IJsland Off Road - Dag 8: Go North

Vandaag doen we het noord-Oostelijke deel van IJsland aan. Einddoel van de etappe is Langanes, tot voor kort het dichtste punt bij de poolcirkel in IJsland (tot de geografen de zaak eens herberekenden). Het werd een snelle trip met alle mogelijke variaties aan gravel wegen, gravel, gravel met modder, gravel met keien, gravel met wasbordjes, de IJslanders hebben de kunst van gravel wegen maken in alle finesses doorgrond. Het schiereilend Langanes vormt het uiterste puntje van IJsland en ook van onze reis. Het is ook het einde van de wereld voor de mens. Je vindt er nauwelijks bewoning op een paar boeren na, en de bewoners van het vissersdorp Porshofen waar we benzine en rantsoen konden inslaan. Het rijk is er aan de vogels. sternen en meeuwen bij de vleet, en ook de grappige papegaaiduikers bevolken daar de rotskusten. Wij volgden het pad richting vuurtoren en op een rustig plekje konden we ons wildkamp opslaan terwijl een kudde wilde paarden zich uit de voeten maakte.

De verse vis uit het haventje verderop werd op het vuur gegooid 'en papillotte' met een geheime kruidenmengeling afgewerkt met Ijslandse 'Brennivin'. Het smaakte heerlijk en we sloten de avond met een kampvuur dat kon wedijveren met de vuurtoren even verderop.

IJsland Off Road - Dag 7: Woensdag Walvisdag

Halverwege de reis nemen we een dagje vrijaf. We startten met een excursie in de baai op zoek naar wal- en ander vissen. De vangst leverde 10 dolfijnen en een bultrugwalvis op. De namiddag kon iedereen zijn zin doen, relax. En 's avonds staat papegaaiduiker op hut menu, yummie.

IJsland Off Road - Dag 6: Terug naar de beschaving

Met de routine van de vorige dag in de benen was rit over de kale hoogvlakten te vergelijken met een uitstapje in de Vlaamse Ardennen. Door rivieren en plassen allerhande, rotsen en keien en steeds met wonderbaarlijke landschappen rondom ons. In de verte lokken besneeuwde bergtoppen die ons naar het schiereiland Tjornes zullen leiden. Grondwerken Kevin zorgt als verkenner nu en dan voor wat extra animatie door zijn KTM as-diep te parkeren in het drijfzand en verderop door zijn voorwiel aan volle snelheid te neer te zetten in een put van 30cm, zonder veel erg gelukkig. Naarmate we afdalen naar zeeniveau wordt het lekker warm en we halen zelfs meer dan 18 graden, een hittegolf noemen ze dat hier. Die afdaling zorgt geografisch nog voor een paar spectaculaire extra's, met name watervallen. We bezoeken de Aldeyjarfoss, die omgeven is door basaltzuilen, in één woord: prachtig. De camping in Husavik verwent ons met een luxe die we sinds Reykjavik niet echt meer gekend hebben: douches (inclusief zwavelgeur). Proper gewassen maken we ons klaar voor de Belgische avond, biefstuk friet dus. De frieten werden team-gewijs gesneden uit verse patatjes en beenhouwer Bart sneed de steaks gelijk nen echten. Spijtig genoeg werd de olie niet warm genoeg om ook echt frieten te bakken ('t zal iets met die waterkoeling geweest zijn zeker). Om op deze Belgische avond de handelsbetrekkingen met IJsland op scherp te stellen werd de avond afgesloten met een 'discreet' bezoek aan de lokale horeca.

De Route:

IJsland Off Road - Dag 5: En ... Actie!

De dag kondigde zich niet heel enthousiast aan: druilerig weertje, vocht in de kleren en wegen die  je niet echt off road kan noemen. Wel levensgevaarlijke baantjes met een mengeling van aangeharde gravel, losse steentje, putten links en rechts en dit alles overgoten met een sausje van modder op de meest onverwachte plekken. We bereiken Varmahlid op de middag. Met een stevige cheesburger achter de kiezen kon de pret nu echt beginnen, dit is de dag waarop we voor het eerst rivieren gaan doorwaden. De F752 richting Zuid werd steeds kleiner en ruwer terwijl de bergen rondom om onze aandacht vechtten. De eerste doorwading was al meteen prijs, wat normaal een inlopertje moest worden bleek al direct bijna knie-diep te zijn. Kevin, onze betrouwbare gids en voorrijder van de voorbije dagen, toonde meteen hoe het niet moet en kon maar ternouwernood van een nat pak gered worden door rots-in-de-branding-Stef. De stressfactor stijgt meteen flink, iedereen stelt zich, gehuld in vissersbotten, op langs het ideale pad en een voor een maken motor en piloot de oversteek. Iedereen werkt de klus zonder problemen af, de toon is gezet voor de rest van de namiddag. Er volgen nog drie doorwadingen (waarvan twee ook als dusdaning op de kaart staan) voor we op de hoogvlakte net ten noorden van de Hofsjokull kunnen bivakkeren. Uit een kort gesprekje met een Zwitser die ons tegemoet kwam in een grote survival truck leren we dat er onderweg ook nog grote stukken weg onder water staan, grote plassen zegt hij. Zal wel meevallen denken wij, tot we na talloze lange diepe plassen bij een ware overstroming komen die drie keer zo breed is en dieper dan de strafste rivier doorwading van de dag. Cool bewaren en blijven gaan en zo steken we nog een paar mini-meertjes over. De namiddag is al flink gevorderd als we aan de derde grote doorwading komen. Tamelijk breed, snelstromend water en net iets te diep om er alle vertrouwen in te hebben (tot boven de knie, mijn knie). In theorie kan de BMW Adventure op de hoogste stand dit aan, maar dat was buiten een golf gerekend die zijn weg zocht naar de luchtfilter. Boenk stil in het midden van de rivier. Met vereende krachten werd motor naar de overkant getrokken en de draineringswerken konden beginnen. Terwijl de rest de oversteek maakt werken we aan het vrij maken van de luchtfilter en als blijkt dat we die kunnen uitwringen als een natte vaatdoek is ons vermoeden bevestigd. Volgende stap: bougies uitdraaien. Fluitje van een cent, ware het niet dat in de sleutelset van de BMW de bougiesleutel bleek te ontbreken. En alle KTM's hebben een andere maat. Het is pas na een half uur prutsen met te grote dopsleutels en zelfgemaakte hulpstukken dat chef depaneur Bart nog eens een blik werpt in de materiaalkoffer van de jeep en merkt dat daar alsnog de juiste sleutel in zit. Vanaf nu gaat het snel. Als was het een geolied formule 1 team helpt iedereen mee om de duikboot uit Beieren van zijn water te ontdoen, alles terug in elkaar te zetten, test, start, go! Het is ondertussen na zessen en we moeten nog een eindje. Het laatste stuk verloopt vlot, de laatste rivierdoorwading wordt genomen zonder gebruikelijke voorzorgen alsof we al jaren niets anders doen op de weg van en naar het werk.

De welverdiende rust krijgen we in het natuurlijk bad op onze bivakplek in Laugafell Het water komt daar als bij wonder op perfecte bad-temperatuur uit de grond. Nog snel een lekkere warme hap en we kunnen de vermoeide botten neervlijen in de tenten. Of tot een kot in de nacht doorfilosoferen over goed en kwaad en de zin van het leven. En dat met maar één getuige: mr. Jack Daniels.

Speciale dank vandaag voor het ganse team dat mij en mijn motor weer op weg geholpen heeft, zonder vragen, gezaag of verwijten, als een grote familie. Thanks!

De Route: (opgelet, enkel met een degelijke off-road motor doenbaar, BMW GS best voorzien van snorkel, kous over de luchtinlaat of gewoon heel traag doen)

IJsland Off Road - Dag 4: Over bospoepers en ander vreemde namen in vreemde talen.

Na de derde dag onderweg begint er van alles te bewegen in zo'n groep. Bijnamen, al dan niet uitgesproken in publiek, brengen de onderliggende gedachten stromen naar boven. De mannen met een body mass index (BMI) gelijk aan hun schoenmaat verwijzen naar de smallere medemens als 'de stylo'. Op zoek naar een tegen-bijnaam verschijnt in mijn visueel brein dan het beeld van zo'n dikke artline stift, een alcoholstift dus ... Chef Stef heeft geen extra bijnaam nodig en Maja de bij ligt ook voor de hand. Ik vraag mij af of dat straks allemaal in het boekske van Rikske de reporter gaan verschijnen. Aan het einde van de dag maakt de hilariteit over gids Bart zijn gebrek aan kennis van het Hollands (we gaan in het gleufje rijden, laat u maar gans gaan) iets los in mijn hersenen. Zou hij de enige, echte bospoeper zijn? Hij koos er namelijk voor om wildweg te gaan kamperen op een hoop rotsen op een paar kilometer van het dichtst bijzijnde en enige openbaar toilet op het schiereiland Vatnsnes. Of is dat dan een boskakker? Al die onzin over bijnamen doet ons bijna vergeten dat we gisteren bijna 300 km off road reden zonder noemenswaardige regen. En dat we langs een serie natuurwonderen met moeilijke namen reden die een halve toeristische gids van IJsland kan vullen. In volgorde van verschijning: Geysir (warmwaterbronnen),  Gullfoss (waterval), zwavelvelden in Kjolur en de beroemde vogelrots Hvitserkur om het rijtje af te sluiten. Alleen de zeehonden bleken niet op het appel, hopelijk kan Bart den depaneur er een dagje later alsnog eentje knuffelen.

IJsland Off Road - Dag 3: Met vallen en opstaan

Dag drie (op de FB pagina van Endurofun dag twee) was wat men in wielertermen een kuitenbijter zou noemen. Het begon met wat vals plat in de vorm van gravel wegen die stap voor stap ruwer werden. David vond dat blijkbaar allemaal maar niets en ging na een onverwachte rookstop van start met de branie van Bart Bronkaert toen hij nog mossels kookte. Resultaat: een ongewenste wheelie, KTM in de gracht, onbreekbare endorobakken met een gat erin en ductape om een gescheurde broek samen te houden. Maar met de 'cool' van David bleef alles in orde, gelukkig zat er geen whiskey in de dubbele wand van de bakken. De rest van de dag bleven de valpartijen voorbehouden voor ondergetekende, zand - of in dit geval vulkaanas - het is mijn ding nog niet helemaal. Gelukkig val je er zacht in.

De uitdagingen die we op onze weg vonden volgden elkaar in sneltempo op: zand dus, modder, losse gravel, stijle uitgespoelde paden met losse keien, rotspartijen en dat allemaal overgoten met een flinke hoeveelheid hemelwater. Het perfecte excuus om de natuurelementen te tarten en in open lucht in een warmwater bad te gaan zitten. En de weergoden toonden zich voor eventjes verslagen want de spaghetti bolognese à la facon Endurofun - lees 'vol verassingen' - kon verorberd worden onder een klein zonnetje.

Oh ja, vertelde ik al dat dit alles door ging in alweer fenomenale landschappen?

De Route:

IJsland Off Road - Dag 2: Even inrijden

Navigatie in IJsland zou eenvoudig moeten zijn, er liggen namelijk nauwelijks wegen. De juiste container met onze motoren vinden in de haven van Reykjavik bleek dan net weer iets moeilijker. De taxichauffeur zijn irritatie steeg zienderogen samen met zijn taximeter, tot onze grote gids eindelijk het juiste straatje had gevonden. Vreemd volkje toch die eilandbewoners.

Na het ompakken van de bagage, de obligate last minute reparaties en nog even tanken en kon de eerste inlooprit van start. Geheel in IJslandse traditie zetten we koers richting Noord in de stromende regen. Maar een uurtje later werden we al helemaal betoverd door het landschap, je verwacht elk moment een cycloop achter de volgende tafelberg zien vandaan komen of een hobbit die zit te vissen bij een riviertje. Het offroad gebeuren was een inlopertje, pistes met wat rotsen en plassen maar niets wat meer techniek vereist dan blijven zitten en genieten. Niet te snel rijden en wat rondkijken en plots zie je een gigantische gletscher verschijnen aan de horizon. Dan begin je te zien hoe dit onafgewerkt land is ontstaan, gigantische natuurkrachten die de grootste door de mens gemaakte machines doen krimpen tot vlooien.

Nog zo'n bevreemdend schouwspel is de Hraunfossar, het water van een stevige bergrivier zoekt zijn weg door de lava lagen en stort vervolgens over een kilometer breed terug in de rivier. Voldoende interessant om er een parking bij aan te leggen en er vier studenten met een enquete op af te sturen. Over een paar jaar betaal je hier dus waarschijnlijk een paar honderd krone toegangsgeld.

20140713-071245-25965478.jpg

20140713-071245-25965478.jpg

Met de avond kwam ook de zon en konden we voor het eerst onze tenten opslaan zonder nog natter te worden. De BBQ van Chef Stef smaakte heerlijk, de losgelaten jongeren op de camping zongen tot diep in de nacht die nooit donker werd.

De Route:

IJsland Off Road - Dag 1: The fine art of slow travel

Reizen met de motor is zo fijn omdat het een paar dimensies toevoegt aan 'The fine art of slow travel' (Lees: 'The Idle Traveller').  Je kan vanop de motor landschappen, landen en steden aan je voorbij zien glijden en zachtjesaan van de eene ervaring in de andere glijden. Dat kan ook in de auto of de trein, maar de motorrijder voelt de wind (en de regen), ruikt de natuur (en diesel op de weg) en kan gemakkelijk overal stoppen. Slow travellen op z'n best doe je dus op de motor. In de aanloop etappe van deze IJsland expeditie werd ons echter niet veel van dat plezier gegund. File op de ring van Antwerpen, wachten en wachten op Schiphol, een vliegende sigaar in, donkere busrit over een soort maanlandschap ... en hopen dat de motoren veilig aangekomen zijn in de haven. Maar zo'n paar uur verveling is natuurlijk ideaal om de medereizigers te leren kennen.

Hoewel je natuurlijk nooit te snel mensen mag vastpinnen zijn er al direct een paar trends zichtbaar: Ieder heeft zijn verslaving: De één rookt als een geysir, de ander drinkt als een walvis en nog anderen doen hun ogen 's morgens niet open zonder een kop koffie gedronken te hebben. Er zijn luide figuren die altijd wel een sappig verhaal of hilarische uitspraak klaar hebben, en er zijn stille figuren die observeren en bedenken. Beide zijn nodig voor een goede sfeermix. Iedereen heeft zo'n beetje last van het 'heb ik wel alles mee' syndroom, sommigen terecht (oeps, import papieren niet mee), anderen hebben het goed geregeld en nog anderen hadden liever nog een remorque mee getrokken. Benieuwd wat deze mix gaat geven eens we vertrokken zijn.

Dag 3: Westwaards richt Oostkantons

Net zoals het een tijd duurt om in het hart van de stad te komen, zo ben je ook wel even onderweg eer je terug in het open veld bent. De route neemt ons Zuid-Westwaards in de richting van het Eifel natuurpark. Over de Rijnvlakte langs provinciale wegen komen we goed vooruit en genieten tegelijk van de wijdse omgeving. En even plots als op de heenweg gaat het landschap weer over in het heuvelachtige Eifel. Zin in een kop koffie? Stop dan zeker in het historische centrum van Nideggen.We karren vrolijk verder richting Hoge Venen en Oostkantons en voor je het weet zien de dorpen en straten er weer helemaal Belgisch uit. Even langs in de lokale supermarkt en we hebben alles voor een picnic. Het vinden van een picnic plekje verloopt iets minder vlot en na we omzwervingen langs de Vesder en voorbij de enduro terreinen van Bilstain poten we ons neer op een schaduwrijk pleintje bij de kerk van Thimister-Clermont. Geen zin om te klooien met een Zwitsers mes? Dan kan je op datzelfde pleintje terecht in Le Fourquet waar ze een democratische dagschotel serveren (ook op terras). Wij sloten de toeristische rit hier af, de snelweg bracht ons terug op tijd naar huis voor het avondeten. Wie meer tijd heeft kan van hieruit verder met een rit door zowel de Belgische Ardennen als het Haspenhouwse land van fruit en andere boomgaarden.

Interessante links:

Dag 2: Op zoek naar de bron van de Sieg

De Bron van de Sieg

De Bron van de Sieg

De Sieg is in deze buurt nog slechts een uit de kluiten gewassen beek, maar omdat ze gisteren de bron was van veel motor plezier verdient ook de Sieg een vermelding in onze bronnen special.  Op zoek dus naar de bron van de Sieg. Wikipedia vertelt ons dat we de oorsprong van deze rivier moeten gaan zoeken in het dorpje Walpersdorf  Zoals de meeste rivieren komt ook de Sieg niet zo maar opborrelen op een dorpsplein. We zullen het wat verder moeten gaan zoeken in de ietwat hoger gelegen bossen waar tal van bronnen ontspringen. Ondanks de coördinaten die we op het internet vonden, vraagt het toch nog wat speurwerk om het juiste pad te vinden. Daarbij leren we dat de bossen hier doorkruist worden met tal van onverharde weggetjes die, voor zover we konden vaststellen, helemaal legaal verkend kunnen worden. Trail rijders met een dagje extra kunnen hier gerust de baggage in het hotel laten en met een goede kaart de bossen gaan verkennen. Hou het wel een beetje rustig en beschaafd, dan kan je misschien, net als wij, een reetje door het bos zien huppelen. Een gelijkaardig pad brengt ons uiteindelijk tot de (of een) bron van de Sieg. Zo'n anderhalve kilometer bosweg, gemakkelijk bereidbaar met een zwaarbeladen BMW GS (twee personen met baggage), dus doenbaar voor iedereen met voldoende grondspeling om een gemiddelde stoeprand op te rijden.

Na dit stukje light-off-road avontuur cruisen we door het Rothaargebirge langs alweer de mooiste en leukste motorwegen. Hoe verder Oostwaards je gaat, hoe minder verkeer je tegenkomt. De route neemt ons vervolgens terug in Noord-Westelijke richting door nog meer bergachtig gebied, een beetje de Ardennen in het groot. Verderop komen we twee keer langs hoogelegen uitkijkpunten, de perfecte plek om de mooie natuur te overschouwen en iets te drinken. Een idee dat blijkbaar veel motorrijders hebben want op een zonnige weekend dag staat de parkeerplaats hier steevast vol met tweewielers allerhande.

Voor de lunch kunnen we andermaal niet weerstaan aan de geneugden van een Gasthof (Gasthof Kramer, net voor Nuttmecke) met terras en een bord: 'Biker Wilkommen'. Genieten van de zon en wat verfrissing. De rest van de rit zal ons richting Keulen nemen. Ideaal voor wie de rit wil combineren met een kleine city trip. Keulen is een bruisende stad met tal van leuke eethuizen en terassen. Langs de Rijn vind je de oerduitse biergartens met serveuses in traditionele klederdracht, een kilometer naar het Westen bevinden zich de hippere tenten waar het jonge Duitse volkje zich bij ons bezoek op zondagavond vergaapte aan parade van luidruchtige supercars. Nadeel is wel dat je bij het aanrijden van de stad al zo'n 30 kilometer op voorhand op mooie maar tamelijk drukke wegen terechtkomt (met flitspalen), en dat is toch een contrast met de Hansje en Grietje bossen in het echte Bergisches Land.

Interessante links:

Dag 1: Van Hasselt tot Siegen

Bij het buitenkomen van het hotel blijkt het toch nog behoorlijk lentefris, maar de zon maakt zich al op om onze motorpakken op een aangename temperatuur te brengen. Ideaal motor weer dus, en al snel rollen we de ochtendzon tegemoed. De eerste etappe van de trip gaat gewoon snel en efficient Hasselt uit richting snelweg om het echte startpunt van de route in Aken te bereiken. De GPS instellen op de start van de route Aken-Siegen volstaat op je tot daar te brengen. Ben je op tijd in Aken (bvb om 10u) dan heb je nog de tijd voor een bezoekje aan de Dom dat is meteen de plek van waaruit we verder gaan rijden. In de autovrije straten rondom de Dom kan je ook terecht voor een kop koffie, al dan niet op een terrasje. Van hieruit vertrekt de route richting Zuid-Oost de stad uit en na een paar buitenwijken kom je meteen in het groen terecht. Langs de Noordelijke kant van de Eifel geniet je van de eerste bochtenseries, maar dat zal nog maar een voorsmaakje blijken van wat komen zal, we rijden rond Keulen langs de Zuidkant en dat betekent dat we door Bonn zullen passeren. Voor we de voormalige hoofdstad van West-Duitsland bereiken doorkruisen we echter eerst de Rijnvlakte. Deze machtige rivier heeft ervoor gezorgd dat het Eifel gebergte abrupt overgaat in een vlakte vol velden. Je voelt je eventjes ergens in centraal Frankrijk. Honger? Dan is Traditionshaus Zur Linde in Swisttal een aanrader, als je van traditioneel Duitse keuken houdt natuurlijk.

De passage door Bonn is niet toevallig gekozen, dit is namelijk ook de stad waar de rivier de Sieg uitmondt in de Rijn, en die rivier zal ons voor de rest van de dag vergezellen richting ... Siegen. Eerst moeten we echter de stad uit, de buitenwijken lijken eindeloos uit te lopen, tot we links afslaan, door een wijkje rijden en vervolgens de natuur induiken met twee haarspeldbochten. De bijrijdster van dienst kant ophouden met de studie van de lelijke Duitse architectuur, nu is de fun opnieuw aan de piloot. Vanaf hier gaat het langs de Sieg en over de flanken op en neer tot Siegen. Een volle namiddag stuurplezier met een stadje links en recht voor de afwisseling. Puur genieten!

Siegen mag dan al een tamelijk uit de kluiten gewassen Universiteitsstad zijn, veel valt er niet te beleven. We kozen dan ook voor een rustig Hotel net buiten de stad waar we getrakteerd werden met een overdosis asperges rechtstreeks van bij de boer on de streek.

Interessante links:

Het Bergisches Land, waar Teutonen thuis zijn

Dit is een moto tripje voor elke motard die ondertussen de Abdij van Maredsous blindelings kan vinden en de bochten rond La Roche persoonlijk bij naam kent. De motard ook die de grens al eens over stak naar het Eifel gebergte maar nu op zoek is naar een alternatief. Het Bergisches land is zo'n alternatief. Oostwaards rijdende voorbij Keulen kom je in een motor walhalla terecht waar plezante stuurweggetjes, haarspeldbochten en snelle zwiepers verbonden worden door heerlijk ruikende bossen en links en rechts een Gasthof om de inwendige mens te versterken. Ietsje verder weg dan de klassieke Ardennen trip maar ideaal voor een weekend met een of twee dagen extra. We vertrokken voor deze route vanuit Hasselt. Wie aan de ander kant van het land woont kan de avond tevoren vertrekken en in de stad van de smaak logeren, er zijn daar comfortabele tot luxueuze hotels bij de vleet die je graag ontvangen.

Alles artikels en routes van deze motor trip door het Bergisches Land vind je hier.

Motor Reisverhalen

20120606-150856.jpg

Bij een reisverhaal horen niet altijd routes, maar dat maakt ze daarom niet minder smakelijk om te lezen. Vooral als er een verslaggever met scherpe pen en blinkende iPad op de motor zit. Daarom verzamelen we hier op mototravel.be voortaan ook motor reisverslagen die het lezen waard zijn. Hieronder alvast twee reizen die ondergetekende ondernam in de voorbije twee jaar:

1. Viaggio a Pontedera, naar Italië met de scooter

In het voorjaar van 2012 trokken 9 mannen met hun scooters (8 Vespa's en 1 Heinkel) van Oudenaarde naar Pontedera in Italië waar de Vespa gemaakt wordt. Het werd een plezante tocht van camping naar camping, met zon en regen, plezant picnics (waarvan ééntje met kaasfondue in de sneeuw op de top van de Sint Bernard pas). Lees de avonturen van deze scooter liefhebbers hier.

2. De GS Wild Boys in de Pyreneeën

De lente van 2013 was dan weer de gelegenheid om de limieten van een BMW 1200 GS Adventure af te tasten in de Spaanse Pyreneeën. Hoewel, het waren eerder de limieten van de rijders die verkend werden. Opnieuw een boeiend verslag van een paar venten in de buurt van een midlife crisis die zich rot amuseerden en als vrienden terug kwamen. Hier vind je de exploten van de GS Wild Boys in de Pyreneeën.